Traplopen dat eerst prima ging, kan ineens voelen alsof je lucht tekortkomt. Of je merkt dat je enkels dikker worden, je sneller moe bent of niet goed meer plat kunt liggen. Zulke veranderingen kunnen passen bij signalen van hartfalen. Het is belangrijk om die klachten serieus te nemen en te weten wanneer een arts nodig is.
Hartfalen betekent dat het hart minder bloed rondpompt. Daardoor krijgen organen en spieren minder zuurstof en voedingsstoffen.
In Nederland leven ongeveer 130.000 volwassenen met deze aandoening. Het komt vooral op hogere leeftijd voor. Leeftijd is daarbij de belangrijkste risicofactor die je zelf niet kunt veranderen.
Welke klachten kunnen passen bij hartfalen?
Bij deze aandoening pompt het hart minder goed, waardoor het lichaam daar op verschillende manieren op kan reageren. Sommige mensen merken vooral benauwdheid. Anderen zien juist dat ze vocht vasthouden, bijvoorbeeld aan voeten en enkels.
Signalen die aandacht verdienen zijn onder meer benauwdheid die toeneemt, moeite met liggen door kortademigheid, dikke voeten en enkels en snel zwaarder worden in een paar dagen. Dat laatste kan wijzen op vocht vasthouden.
Klachten kunnen langzaam erger worden, maar soms ook een tijd stabiel blijven. Er zijn ook periodes waarin het tijdelijk slechter gaat en daarna weer wat beter.
Hoe ontstaat het?
Hartfalen is meestal een chronische aandoening. Het is vaak niet te genezen. De behandeling is daarom meestal gericht op het verminderen van klachten en het ondersteunen van het hart.
Veelvoorkomende oorzaken zijn een eerder hartinfarct, langdurig hoge bloeddruk, hartritmestoornissen, hartklepaandoeningen en hartspierziekten. Een veelvoorkomende vorm is systolisch hartfalen. Daarbij trekt de hartspier minder krachtig samen.
Langdurig hoge bloeddruk kan ervoor zorgen dat de hartspier dikker en minder soepel wordt. Na een hartinfarct kan de hartspier beschadigd raken. Ook een verstoord hartritme of een probleem met een hartklep kan de pompfunctie van het hart onder druk zetten.
Wie heeft meer kans op deze aandoening?
De kans neemt toe met de leeftijd. Veel mensen die ermee te maken krijgen, zijn ouder dan 70 jaar. Ook bij 85-plussers komt het relatief vaak voor.
Daarnaast spelen leefstijl en andere gezondheidsproblemen een rol. Risicofactoren zijn roken, ongezond eten, te weinig bewegen, veel alcohol en drugs zoals cocaïne en amfetamine. Ook overgewicht, diabetes, hoge bloeddruk en een eerder hartinfarct verhogen de kans.
Wanneer moet je direct hulp inschakelen?
Sommige symptomen vragen om snelle actie.
Bel direct 112 of de huisartsenpost als:
– je plotseling veel sneller of moeilijker ademt
– je plotseling veel benauwder bent dan eerst
– je helemaal niet meer kunt liggen door benauwdheid
– je aanhoudende zware drukkende pijn op de borst hebt met zweten, misselijkheid of braken
Plotselinge ernstige benauwdheid kan passen bij vocht in de longen. Dat vraagt snelle behandeling. Een zware drukkende pijn op de borst met zweten, misselijkheid of braken kan passen bij een hartinfarct.
Wanneer neem je snel contact op met de huisarts?
Wacht niet te lang als je merkt dat je lichaam vocht vasthoudt of juist veel vocht verliest.
Neem binnen 1 tot 2 dagen contact op met de huisarts als:
– je in 3 dagen 2 kilo of meer zwaarder bent geworden
– je steeds dikke voeten en enkels hebt
– je veel vocht verliest door overgeven of diarree
– je veel vocht verliest door zweten, bijvoorbeeld bij koorts of warm weer
Gebruik je dapagliflozine of empagliflozine, neem dan ook snel contact op met je arts bij:
– koorts boven 38 graden
– veel overgeven
– diarree
– minder eten of drinken
– een wondje, blaar of ontsteking aan voet of tenen
Wat doet de huisarts?
De huisarts kijkt naar je klachten en doet meestal eerst een aantal controles. Vaak worden gewicht, lengte, bloeddruk en hartslag gemeten. Ook kan er bloedonderzoek worden gedaan om bepaalde stofjes in het bloed te bekijken.
Daarnaast kan een hartfilmpje, een ECG, helpen om het hartritme te beoordelen of aanwijzingen voor een eerder hartinfarct te zien. Soms volgt een echo van het hart. Als de huisarts denkt aan hartfalen, volgt meestal een verwijzing naar de cardioloog in het ziekenhuis.
Bij mensen bij wie de situatie stabiel is, kan de huisarts soms ook controles doen. Dat hangt mede af van regionale afspraken.
Wat kun je zelf doen?
Zelfzorg is een belangrijk onderdeel van de aanpak. Daarmee kun je klachten helpen beperken en veranderingen sneller opmerken.
Gezond leven helpt. Afvallen bij overgewicht kan zinvol zijn. Gezond en voldoende eten is belangrijk, met weinig zout. Drink verspreid over de dag en niet te veel in één keer. Bij ernstig hartfalen geldt soms het advies om niet meer dan 1,5 liter vocht per dag te nemen.
Regelmatig bewegen hoort daar ook bij. Daarnaast is het verstandig om geen alcohol te drinken en te stoppen met roken.
Weeg jezelf 2 keer per week en noteer je gewicht. Kom je in 3 dagen meer dan 2 kilo aan, neem dan contact op met je arts. In overleg met je arts kun je ook regelmatig je bloeddruk en hartslag meten.
Let ook op met sommige middelen uit de drogist of apotheek. Pijnstillers zoals ibuprofen, naproxen en diclofenac kunnen deze aandoening verergeren. Gebruik ook geen zoutvervangers met kalium, omdat die problemen kunnen geven in combinatie met medicijnen.
Hoe ziet behandeling er meestal uit?
De behandeling richt zich meestal op het verminderen van klachten. Vaak zijn medicijnen nodig waardoor het hart beter pompt of minder hard hoeft te werken. Veel mensen gebruiken meerdere soorten medicijnen, bijvoorbeeld middelen tegen hoge bloeddruk, een SGLT-2-remmer en plaspillen.
Het is belangrijk om medicijnen elke dag te slikken en nooit zomaar te stoppen.
Soms is behandeling van de oorzaak nodig, bijvoorbeeld medicijnen bij een onregelmatige hartslag of schildklierproblemen, of een nieuwe hartklep.
In de laatste fase kan palliatieve zorg helpen om klachten te verminderen. Daarbij kunnen extra zuurstof en begeleiding horen.
Waarom vroeg herkennen belangrijk is
Deze aandoening komt vaak voor en kan ernstig verlopen. Veel mensen leven er langere tijd mee, maar het blijft een chronische ziekte. Klachten kunnen schommelen, waardoor het verleidelijk kan zijn om veranderingen af te wachten. Toch is het verstandig om nieuwe of duidelijk toenemende klachten te laten beoordelen.
De huisarts speelt een belangrijke rol bij het vroeg opsporen van hart- en vaatziekten. Juist daarom is het goed om signalen zoals benauwdheid, vocht vasthouden of snelle gewichtstoename niet te negeren.
FAQ
Welke symptomen van hartfalen moet ik serieus nemen?
Benauwdheid die toeneemt, niet goed kunnen liggen door kortademigheid, dikke voeten en enkels en snel aankomen in een paar dagen zijn klachten die je serieus moet nemen.
Wanneer is snelle gewichtstoename een reden om de huisarts te bellen?
Als je in 3 dagen 2 kilo of meer aankomt, neem dan binnen 1 tot 2 dagen contact op met de huisarts. Dat kan passen bij vocht vasthouden.
Wanneer is benauwdheid een spoedgeval?
Bel direct 112 of de huisartsenpost als je plotseling veel sneller of moeilijker ademt, ineens veel benauwder bent dan eerst of helemaal niet meer kunt liggen door benauwdheid.
Welke oorzaken komen vaak voor?
Veelvoorkomende oorzaken zijn een eerder hartinfarct, langdurig hoge bloeddruk, hartritmestoornissen, hartklepaandoeningen en hartspierziekten.
Wat moet ik vermijden bij deze aandoening?
Wees voorzichtig met pijnstillers zoals ibuprofen, naproxen en diclofenac. Gebruik ook geen zoutvervangers met kalium. Stop daarnaast met roken en drink geen alcohol.
Wat doet een huisarts bij een vermoeden van hartfalen?
De huisarts meet meestal gewicht, lengte, bloeddruk en hartslag. Ook kan bloedonderzoek, een ECG en soms een echo van het hart volgen. Vaak is er een verwijzing naar een cardioloog.
Dit artikel is informatief en vervangt geen medisch advies. Bij aanhoudende klachten of twijfel: raadpleeg je huisarts.



